vrijdag 18 april 2014

Luchtmachtcake

Het was ThuisFrontInformatiedag op de Leeuwarder vliegbasis. Binnenkort gaat de laatste groep militairen naar Afghanistan, 110 mensen (65 van de Leeuwarder basis). Die worden op zo'n dag, met hun partners, bijgepraat over wat hen te wachten staat, in een kantine/filmzaal.

Bij de ingang was koffie en cake. Ik had een van de laatste stukjes, want ik moest eerst voor de krant met jan en alleman praten.
Een man in blauw uniform nam ook een stukje en knikte me toe.

,,Lekker he?", zei hij. ,,Echte luchtmachtcake."

,,Is de cake bij de landmacht of de marine dan anders?", vroeg ik.

Hij knikte weer en zei met volle mond. ,,Deze is lekkerder dan landmachtcake. Stevig en vet. Dat vult."

(De foto komt van de site van een banketbakker. Luchtmachtcake heeft dikkere plakken en is helderder van kleur)

vrijdag 11 april 2014

Het bier is op




Twee week voor de presentatie van Oldehove Bier in cafe De Stee was daar al een voorproeverij. Het eerste vaatje werd aangeslagen - het bier had toen nog geen naam trouwens - en leeggetapt voor een aantal zorgvuldig geselecteerde bezoekers. Daar was ik ook bij. Dat er een filmpje van gemaakt was, was ik alweer vergeten.

Arman Stoelwinder van de Stee vertelde dat het bier ,,echt van deze tijd" moest zijn, ,,niet seizoensgebonden" en ,,voor mannen en vrouwen". Het is overigens gebrouwen in Bolsward, maar op termijn hoopt hij op een microbrouwerij in Leeuwarden.

Het was lekker, maar ik ben geen heel erg kritische bierdrinker. De avond voor deze voorproeverij hadden we bij de Radio Ascona Platenbeurs nog aan van die Aldi-blikken gezeten, dat zegt genoeg.

vrijdag 4 april 2014

Baby aan boord



Op deze foto is te zien, hoe ik baby Betty uit een zinkende auto red.

Je mag baby's in zo'n situatie ook gewoon van je af slingeren, het water in, had de instructeur gezegd. Die redden zich wel even. Maar dat leek me nogal traumatisch voor zo'n kleintje. Dus ik wurmde me braaf met baby Betty en al door het zijraam, zoals het ons geleerd was. Ze zei geen boe of ba, want ze is van plastic.

Dinsdagavond deed ik mee aan de cursus Met Auto Te Water in zwembad Het Kalverdijkje, daar leer je zulke dingen. Mijn krantencolumn ging er woensdag ook over.

Een van ons mocht van tevoren een autoruit verbrijzelen met een klein, maar venijnig dingetje dat Rescue Me heet en aan een sleutelbos kan hangen. Volgens de instructeurs is het beter dan dat hamertje dat veel mensen in de auto hebben, maar ja, het CBR wil er niet aan.

Je gaat te water in een omgebouwde Fiat 500 op rails. Omdat auto's eigenlijk een soort luchtbel zijn en eerst blijven drijven, hebben ze onderin wat gaten geboord, waar het water door naar binnen kan. Anders drijft hij van die rails af.

Hier zit ik naast Henk, die een rijschool heeft of er werkt. Zoals trouwens bijna alle andere deelnemers.




En zo moet je eruit. Zo snel mogelijk tegelijk de gordels af en tegelijk de raampjes opendraaien (anders kan-ie scheef gaan hangen), in het portier gaan zitten en wegzwemmen.

Persoonlijk vond ik het leukste om te wachten tot de auto echt onder water is en dan de deur open te doen. Er blijft nog een tijd lucht onder het autodak. Vroeger was dat meer, want toen waren autodaken ronder.

Het is best zwaar om die deur open te krijgen, zelfs als je het volgens de regels doet: als je achter het stuur zit openen met de rechterhand, duwen met de linker. De passagier doet het net andersom

Uiteindelijk krijg je een diploma, geplastificeerd, zodat het ook onder water goed blijft.

donderdag 3 april 2014

Hoed af voor de luchtmacht



,,Kan dat hoofddeksel af?", vroeg een militair mij. Niet onvriendelijk, maar wel op een toon die duidelijk maakte dat dit niet als vraag bedoeld was.

Dat was gisteren op de persdag van Frisian Flag, een grote luchtmachtoefening waar elf landen aan meedoen. De Leeuwarder vliegbasis is er het zenuwcentrum van. Twee keer per dag gaan er 44 straaljagers omhoog.

Ik was nog nooit op zo'n dag geweest. Er komt een bepaald type journalisten op af, vooral fotografen, die toeters van telelenzen in rolkoffertjes achter zich aanslepen. Al tijdens de briefing beginnen ze Captain Jos (de coördinator) en zijn powerpointprojecties te fotograferen.

Zijn verhaal werd een keer onderbroken door een overvliegend vliegtuig. De journalisten keken elkaar verschrikt aan, want de start moest nog beginnen. Ze zouden toch niet iets missen?

,,Dat was het weathership", stelde Captain Jos hen gerust.

Na die briefing ging alles in een bus naar de Local Control Bunker, een deels in de grond verzonken ruimte van waaruit een militair met een verrekijker een laatste check van de vliegtuigen doet, voor ze een kleine honderd meter verderop starten.

Daar stonden die fotografen allemaal met elkaar te kletsen, tot het moment dat de vliegtuigen aan kwamen rijden. Toen zei niemand meer iets. Ik ontdekte dat ik hier de enige journalist was met enkel een schrijfblokje, en niet zo'n enorme telelens.

Uit die bunker kwam de man die vroeg of mijn hoed afkon. Dat had ik op de basis in Eglin ook al gehad, ze zijn alert op dingen die weg kunnen waaien en in de inlet (als dat zo heet) van een straaljager gezogen kunnen worden.

Halverwege dat opstijgen heb ik de hoed weer opgezet, want hoewel die toestellen fantastisch veel en zware herrie maken, is de zuigkracht als ze voorbijkomen verwaarloosbaar. Bovendien kreeg ik een koud hoofd.

(De foto is van Laurens Aaij)

maandag 24 maart 2014

Portrethoezenpret



Oompie Koerier, de hits van Quintus, Boeren op Jazz, de ondergewaardeerde elektronische prachtmuziek van Mistral (niet Le Mistral uit Leeuwarden, maar die andere) en een hoorspel met Bear Oeleboele - alles kwam voorbij op de nostalgische Radio Ascona-avond in Leeuwarden.

Het complete bestuur was aanwezig maar niemand kon zich meer goed herinneren wanneer de laatste uitzending is geweest. Alweer een tijdje terug in elk geval, en sindsdien stond de enorme partij elpees waarvan het merendeel in een keer voor een schijntje is gekocht in de kelder bij de voorzitter.



Dat moet allemaal weg, daarom was er zaterdagavond een speciale platenbeurs voor genodigden, die er lekker in omgraaiden. De meesten gingen met een bescheiden stapeltje de deur uit, zodat het niet echt opschoot, maar gelukkig was er een andere oud-piraat met smaak, die een paar kilo uitzocht.

 

Laat op de avond is er nog een serie foto's gemaakt van bezoekers en platenhoezen, wat erg mooi is uitgepakt. De beste resultaten staan hier.


(Foto's van Gerda Bosman)

zaterdag 22 maart 2014

I can boil an egg


Dit is mijn allereerste kievitsei. Dat wil zeggen, ik heb wel eens kievitseieren gezien, maar dit is het eerste kievitsei dat ik ga opeten. Ik hoefde er niet het weiland voor in, ik kreeg het van een professional uit een van de andere Friese steden, met thuis een plank vol kievitseierenprijzen.

Als je er het weiland niet voor in wilt, is het nogal een karwei om aan zo'n ei te komen.  Een vraag op twitter leverde voornamelijk reacties op van mensen die vertelden dat je ze vroeger gewoon bij de poelier kon kopen. Daar heb je nu niet veel aan.

Er schijnt een zwarte handel in deze eieren te bestaan, een kennis vertelde dat hij er elk jaar wel een stuk of zes koopt, maar daarvoor moet je de juiste mensen kennen. Want handel in kievitseieren is verboden.  ,,Er mag wel meer niet", zei die kennis. Maar hij vertelde toch niet bij wie ik zou moeten wezen.

Via via is het dus nu toch gelukt, waarvoor dank.

Als burgemeesters zo'n ei krijgen leggen ze het in een schaal water om te kijken of het wel echt is, maar ik ben goed van vertrouwen en de man die het me gaf lijkt me dat vertrouwen meer dan waard.

Die had op zijn beurt weer weinig vertrouwen in mijn zelfredzaamheid, overigens.

Want toen ik vertrok, vroeg hij of ik het ei door iemand anders klaar zou laten maken. Hij dacht natuurlijk: te lui om zelf het weiland in te gaan, dan zal hij ook wel te lui zijn om zelf te koken. Ik had de neiging om Churchill te citeren.  Die zei: ,,I can boil an egg. I've seen it done" (ik kan een ei koken, ik heb dat wel eens gezien), toen zijn vrouw eens een paar dagen wegging en ze zich zorgen maakte dat hij zou verhongeren.
 
Aanstonds ga ik het ei zelf koken en opeten met roggebrood, boter, zout en radijsjes. In mijn column in de Leeuwarder Courant kom ik erop terug.